ABN Amro maakte vandaag de cijfers bekend over het eerste kwartaal van 2005. De cijfers vertonen een lichte stijging in zowel de operationale nettowinst als in de bedrijfsresultaten.
Verklaring van de voorzitter
“De solide groei van ons operationele nettowinst in vergelijking met dezelfde periode van vorig jaar is
een bevredigend resultaat, aangezien deze groei afkomstig was van de SBU Consumer & Commercial
Clients, ondanks de veel lagere resultaten van de hypotheekactiviteiten in de Verenigde Staten. De
Business Units Nederland, Brazilië, Noord-Amerika en Bouwfonds presteerden goed. De verhoging van
de netto winst was mede het gevolg van lagere voorzieningen in de SBU Wholesale Clients en de BU
Noord-Amerika”, aldus Rijkman Groenink, voorzitter van de Raad van Bestuur. “Hoewel het
bedrijfsresultaat verbeterde in vergelijking met het voorgaande kwartaal, waren de resultaten van de
SBU Wholesale Clients (WCS) niet voldoende. Verbetering van deze resultaten blijft een prioriteit. Dit
wordt onderstreept door de in december 2004 aangekondigde herstructurering en wijzigingen, het
nieuwe managementteam en initiatieven als de stroomlijning van de WCS-organisatie, de focus op
klanten in het middensegment, de groei van gestructureerde derivaten en de vorming van de
Transaction Banking Group. Wij verwachten dan ook dat het resultaat van WCS gedurende het jaar zal
verbeteren.”
Belangrijkste resultaten eerste kwartaal 2005 (i.v.m.1e kwartaal 2004, excl.consolidatie-effect Private Equity)
- Operationele baten gestegen (+ 2,8%) door solide groei van SBU C&CC en BU Private Equity
- Bedrijfsresultaat verbeterd (+2,2%) door goede performances van SBU C&CC en BU Private Equity
- Voorzieningen aanzienlijk lager (-52,6%) dankzij WCS en BU NA
- Operationele nettowinst hoger (+16,1%)
- Sterke stijging nettowinst (+36,4%) exclusief verkoop belang in Bank Austria en beëindigde
activiteiten
- Operationele baten relatief stabiel (-0,2%)
- Operationele bedrijfslasten lager (-3,0%) door lagere lasten bij WCS, Bouwfonds en Asset
Management
- Bedrijfsresultaat hoger (+7,1%) door stijging bij WCS, Bouwfonds en Group Functions
- Voorzieningen aanzienlijk lager (-40,7%) dankzij WCS
- Operationele nettowinst hoger (+5,4%), exclusief beëindigde activiteiten en eenmalige posten
Kerncijfers Groep eerste kwartaal 2005
ABN AMRO GROEP
Met ingang van 1 januari 2005 rapporteert ABN AMRO haar resultaten volgens de International
Financial Reporting Standards (IFRS). Alle cijfers in dit persbericht, met inbegrip van vergelijkende
cijfers voor voorgaande kwartalen, zijn conform IFRS. Bovendien zijn in de financiële overzichten de
volgende nieuwe posten toegevoegd:
- handel
- resultaat deelnemingen (volgens vermogensmethode
- totaal operationele baten (voorheen baten volgens Nederlandse verslaggevingsregels)
- totaal operationele bedrijfslasten (voorheen lasten volgens Nederlandse
verslaggevingsregels)
- operationele nettowinst
- beëindigde activiteiten
Financiële samenvatting
Eerste kwartaal 2005 versus eerste kwartaal 2004
De totale operationele baten namen toe door de sterke batengroei in bijna alle Business Units
(BU’s) van de SBU Consumer & Commercial Clients (C&CC), waar met name de BU’s Nederland
(BU NL), Brazilië, Bouwfonds en Noord-Amerika (BU NA) goed presteerden, en de BU Private
Equity (exclusief consolidatie-effect). Voor wat betreft de diverse batenposten, is de stijging van de
totale operationele baten met EUR 119 mln voortgekomen uit het hogere resultaat financiële
transacties en uit deelnemingen (in het bijzonder onze aandelenbelangen in Banca Antonveneta en
Capitalia). De stijging van het resultaat uit financiële transacties kwam tot stand in WCS, dat het
resultaat uit vastrentende waarden zag toenemen, en BU Private Equity, dat profiteerde van
herwaarderingen op reële waarde, verkochte participaties en ontvangen dividenden. In het eerste
kwartaal van 2004 werd een eenmalige bate van EUR 115 mln geboekt uit hoofde van de verkoop
van het belang in Bank Austria. Exclusief deze opbrengst vertoonden de operationele baten in het
eerste kwartaal van 2005 een groei van 5,6%.
De totale operationele bedrijfslasten gingen omhoog, hoofdzakelijk door een stijging bij Bouwfonds
en hogere uitgaven aan compliance in de Groep. De lastenstijging bij Bouwfonds betrof hogere
personeelskosten als gevolg van de uitbreiding van het aantal medewerkers in vaste dienst door de
toegenomen activiteiten, de acquisitie van MAB en de overname van een portefeuille van Staal
Bankiers.
Het bedrijfsresultaat verbeterde dankzij de sterke performance van alle BU’s van C&CC en, zij het
in mindere mate, de BU Private Equity. Dit compenseerde ruimschoots het lagere resultaat van
WCS en het wegvallen van de eenmalige bate van EUR 115 mln uit de verkoop van het belang in
Bank Austria in het eerste kwartaal van 2004. Gecorrigeerd voor deze bate van EUR 115 mln liet
het bedrijfsresultaat een verbetering van 12,0% zien.
De voorzieningen konden aanzienlijk worden verlaagd door nettovrijval in WCS en een lager
voorzieningenniveau in de BU NA. Dit weerspiegelt de goede kwaliteit van de kredietportefeuilles
en het onverminderd gunstige kredietklimaat wereldwijd.
De belastingen bleven in absolute termen vrijwel gelijk. Door het hogere, belastingvrije resultaat uit
onze deelnemingen in Banca Antonveneta en Capitalia kwam de effectieve belastingdruk uit op
27,4% tegenover 29,6% in het eerste kwartaal van 2004.
De operationele nettowinst, waarin de bijdrage van EUR 54 mln van LeasePlan en Bank of Asia
aan de nettowinst over het eerste kwartaal van 2004 buiten beschouwing is gelaten, nam toe met
16,1%.
De nettowinst steeg met 8,5%: de toename bij C&CC – met name de BU NA en de BU NL – en BU
Private Equity compenseerde ruimschoots de daling bij Group Functions en WCS. De winstdaling
van Group Functions kan vooral worden toegeschreven aan het feit dat in het eerste kwartaal van
2005 de opbrengst van EUR 115 mln uit de verkoop van het belang in Bank Austria is weggevallen.
Gecorrigeerd voor deze bate en de winstbijdrage van LeasePlan en Bank of Asia (EUR 54 mln,
thans verantwoord onder beëindigde activiteiten) was de nettowinst 36,4% hoger.
Samenvattend kan worden gesteld dat wij erin zijn geslaagd onze activiteiten uit te breiden onder
handhaving van een stringente kostenbeheersing en een goede kwaliteit van de kredietportefeuille.
Eerste kwartaal 2005 versus vierde kwartaal 2004
De totale operationele baten waren stabiel doordat hogere bijdragen vanuit WCS, Bouwfonds, de
BU NL en Group Functions de teruggang bij de BU Private Equity en de BU NA compenseerden.
Voor wat betreft de afzonderlijke batenposten kan worden opgemerkt dat de stijging van rente (BU
Brazilië, BU NA en WCS) en handel en resultaat financiële transacties (WCS) voldoende opwoog
tegen de daling van provisies (vooral WCS en BU Brazilië) en overige baten (BU NA).
De totale operationele bedrijfslasten liepen terug: de daling bij WCS, Bouwfonds en Asset
Management woog ruimschoots op tegen de toename in de BU NL. De kostenbasis van de
BU NL werd beïnvloed door de overgang van Stater van de BU NGM naar de BU NL. Als de
organisatorische overheveling van Stater buiten beschouwing wordt gelaten, waren de
bedrijfslasten van de BU NL stabiel.
Het bedrijfsresultaat ging omhoog door de verbeterde performance van WCS, Bouwfonds en Group
Functions, die de lagere bijdrage van BU Private Equity en de BU NA meer dan goedmaakte. De
efficiencyratio verbeterde hierdoor met 2,0 procentpunt tot 69,7%.
De voorzieningen daalden, hoofdzakelijk door de vrijval in WCS.
De belastingen namen toe door de hogere effectieve belastingdruk in een aantal BU’s. De
effectieve belastingdruk (uitgezonderd eenmalige posten) voor de hele groep liep op van
20,6% naar 27,4%.
De operationele nettowinst, exclusief beëindigde activiteiten en bijzondere posten, verbeterde. Dit
komt hoofdzakelijk door de resultaten van WCS, Bouwfonds, NGM en Group Functions, die sterker
stegen dan dat de resultaten van de BU Private Equity, de BU NA en de BU NL daalden.
De naar risico gewogen activa vertoonden een groei van EUR 14 mrd. Deze stijging was min of
meer gelijk verdeeld tussen WCS en C&CC. De toename in WCS was het gevolg van de groei van
de kredietportefeuille en koerseffecten, terwijl de toename in C&CC voornamelijk voor rekening van
de BU NL en Bouwfonds kwam.
Vermogensratio’s. De tier 1 ratio per 31 maart 2005 was op 8,40% zes basispunten lager. De core
tier 1 ratio verslechterde met drie basispunten tot 6,29%. De ratio voor het totale
toetsingsvermogen steeg met 19 basispunten tot 11,25%. Hierbij dient te worden aangetekend dat
de ratio’s per 1 december 2004, zoals vermeld in dit persbericht, gewijzigd zijn ten opzichte van de
cijfers zoals gepresenteerd in het persbericht van 7 februari 2005, omdat wij besloten hebben het
verwateringseffect van het slotdividend 2004 niet te neutraliseren in verband met de voorgestelde
acquisitie van Banca Antonveneta. Hierdoor hoeft de uitstroom van liquide middelen in verband met
de neutralisatie niet in aanmerking te worden genomen bij de berekening van de vermogensratio’s.
Recente ontwikkelingen
Op 14 maart 2005 maakte ABN AMRO bekend dat overeenstemming was bereikt om Bank Corluy over
te nemen van de huidige aandeelhouders. Met deze acquisitie zetten wij een belangrijke stap in ons
streven naar versterking van de positie in de Belgische private banking-markt. Naast een solide
operationele basis biedt Bank Corluy ook aanvullende lokale producten en een aantrekkelijk
klantenbestand. ‘Vermogen onder administratie’ van Bank Corluy is EUR 1,5 mrd. De transactie zal naar
verwachting in het tweede kwartaal van 2005 worden afgerond.
ABN AMRO kondigde op 22 maart 2005 het voornemen aan om een separate hypotheek unit aan de
BU NL toe te voegen. Door haar hypotheekactiviteiten in Nederland samen te voegen met die van
Bouwfonds ontstaat een marktpartij met meer slagkracht. Hiertoe zijn 60% van Stater
(hypotheekadministratie activiteiten), welke rapporteerde aan de BU NGM en de hypotheekactiviteiten
van Bouwfonds (inclusief 40% van Stater), overgebracht naar de BU NL. De overgang van Stater van
de BU NGM naar de BU NL is effectief vanaf 1 januari 2005. De hypotheek- en Stater activiteiten
gerapporteerd onder Bouwfonds zullen worden overgebracht in de loop van 2005.
Op 15 april 2005 gaf het bestuur van Banca Antonveneta zijn instemming aan het bod van ABN AMRO
van EUR 25 per aandeel. Eerder had de Italiaanse beurstoezichthouder CONSOB het prospectus al
goedgekeurd. ABN AMRO maakte op 30 maart het voorgenomen bod op Banca Antonveneta bekend
als onderdeel van de strategie om het klantenbestand in het middensegment te versterken in markten
met een sterk groeipotentieel. ABN AMRO heeft al een belang in het kapitaal van Banca Antonveneta.
Als onderdeel van de financiering van de voorgenomen acquisitie heeft ABN AMRO 135 miljoen
aandelen uitgegeven tegen een koers van EUR 18,65 per aandeel.
Op 19 april 2005 hebben ABN AMRO en BNP Paribas aangekondigd dat zij overeenstemming hebben
bereikt over de overname van Nachenius, Tjeenk & Co N.V., een exclusieve Nederlandse private bank
van ABN AMRO, door BNP Paribas private bank. Nachenius, Tjeenk & Co beheert meer dan 1,3 mrd
euro. Het besluit om Nachenius, Tjeenk & Co te verkopen stemt overeen met ABN AMRO’s private
banking strategie om op kernactiviteiten te concentreren.
Voor meer informatie bekijk de volledige resultaten.
Klik hier voor meer informatie over ABN AMRO.